Als ik er ben dan bel ik

Whee. Sal, we gotta go…*

28 oktober 2008 · 14 reacties

Beste jij (lezer),

Dit is het laatste postje op deze blog. Het is hier klaar. Tijd voor wat anders.

Misschien las je hier regelmatig, misschien liet je een reactie achter of linkte je naar deze blog. Hartelijk bedankt daarvoor. Zonder jou was het niet geworden wat het was.

Voor mooie/fijne/ interessante blogs verwijs ik je graag naar mijn favorieten: Charis, D’n Lee’s Lonely Hearts Club, Het meisje dat op dinsdag het bier schenkt, Impalinea, Ivo Victoria, Jnnk , meneerWalskienik, Nozzel , Riekster, Rob Zijlstra, Tante Annie & de dingenZezunja.

Een hartelijke groet,

aiebdbi

Whee. Sal, we gotta go and never stop going till we get there.”  “Where we going, man?” “I don’t know but we gotta go.” – Jack Kerouac

→ 14 ReactiesCategorieën: Gedachten · Schrijfsels

Er verandert niets

26 juli 2008 · 7 reacties

Fabiola is verhuisd naar een klein, oud huisje in de heuvels, waar ze de komende winter gaat bevriezen, maar waar het nu zo ongeveer het paradijs is. Er vliegen vlinders, er staan bloemen in alle kleuren van de regenboog en wie zich een dag in de struiken verstopt, heeft volgens Fabiola grote kans om Roodkapje voorbij te zien wandelen – met mandje en al.

We zitten in de achtertuin op een kleed op het gras. Terwijl we kersen eten uit een grote teil en pitten spugen, vertel ik Fabiola over de Japanse loodgieter, die ruim drieduizend uur belde naar het antwoordapparaat van een bedrijf, omdat hij verliefd werd op de vrouwenstem op dat bandje; over de Belgische bejaarde die haar man doodde met een hamer en een aardappelschilmes; en over de Braziliaanse jongen die zich onder het motto ‘je kan beter een tand verliezen dan je leven’ zich vastbeet in de nek van de pitbull die hem aanviel.

Als ik klaar ben met vertellen is Fabiola even stil. ‘Weet je?’ zegt ze dan. ‘De mensen zijn eigenaardig.’

‘Ja.’ zeg ik. ‘Ik hou daar van.’

‘Ik ook.’ zegt Fabiola. ‘Veel.’

Zwijgend eten we nog wat kersen. ‘Maar toch hè.’ zegt Fabiola.

‘Wat?’ vraag ik.

‘Er gaat zoveel mis.’

Verbaasd kijk ik Fabiola aan. ‘Dat valt toch wel mee,’ zeg ik.

Fabiola schudt haar hoofd. ‘Nee, dat valt niet mee.’

‘Bedoel je nu?’

‘Nouja,’ zegt Fabiola, ‘misschien nu niet echt, maar soms.’

Ik knik. ‘Ja, soms wel.’

Fabiola kijkt peinzend naar het kleed. Met haar vinger volgt ze een kevertje dat daar overheen loopt. Af en toe geeft ze het voorzichtig een zetje. Plotseling kijkt ze me doordringend aan. ‘Sorry’, zegt ze.

‘Sorry?’

‘Dat ik dat zeg.’

‘Wat?’

‘Dat er zoveel mis gaat en zo.’

‘Daar hoef je toch geen sorry voor te zeggen.’

‘Wel.’ zegt Fabiola fel. ‘Dat moet wel. Want het is dom en stom en raar. En ik weet niet waarom ik dat doe. Dan liggen we hier voor mijn nieuwe huisje…’ Ze stopt even, zucht diep en begint dan plotseling te ratelen: ‘Dan-liggen-we-hier-voor-mijn-nieuwe-huisje-waar-ik-erg-blij-mee-ben-en-dan-vertel -jij-goeie-verhalen-en-schijnt-de-zon-en-hebben-we-kersen-en-dan-is-alles-goed- maar-dan-is-het-ineens-zo-goed-dat-het-té-goed-is-en-dan-denk-ik-altijd-iets-zoals -alles-gaat-mis-en-dat-zeg-ik-dan-ook-en-niet-omdat-ik-dat-meen-maar-wel-omdat- ik-dat-denk-en-dan-zeg-ik-dat-maar-omdat-ik-dan-in-ieder-geval-gezegd-heb-dat- alles-mis-gaat-maar-dan-gaat-natuurlijk-alles-mis-juist-omdat-ik-dat-gezegd-heb- en-dat-wil-ik-dan-niet-maar-dat-gebeurt-dus-altijd.’ Fabiola hapt even naar adem. ‘Snap-je?’

‘Eh…’ zeg ik.

‘Ik wil gewoon dat er niets verandert, dat er niets mis gaat…’ Ze kijkt me aan, haar ogen zijn nat. ‘Dat het niet aan mij ligt.’

Ik haal diep adem, trek haar naar me toe, sla mijn armen om haar heen. Zo zitten we daar een tijdje, tegen elkaar aan, haar hoofd op mijn schouder. Achter de rug van Fabiola landt een spreeuw naast de teil. Hij kijkt me brutaal aan, pikt met zijn snavel een kers op en vliegt er vandoor.

‘Is dat stom?’ mompelt Fabiola dof. ‘Nee. Niet.’ zeg ik. Dan laat ik haar weer los, glimlach en zucht, terwijl ik met een vinger haar haar achter een oor schuif.

‘Zal ik je wat vertellen?’ vraag ik.

Fabiola haalt haar neus op. ‘Doe maar.’

‘Over tien jaar hè. Over tien jaar als al die pitten nieuwe kersenbomen zijn, dan schijnt hier de zon, terwijl wij samen op een trampoline springen, en dan happen we kersen zo uit de lucht, tot we misselijk worden – want zo gaat dat. Dan gaan we liggen op een kleed en vertellen we elkaar verhalen en genieten we ervan, hoe eigenaardig de mensen zijn. En dan, als jij plotseling bang wordt en denkt ‘alles gaat mis’ dan vraag je me: ‘Wil je me vertellen hoe het over tien jaar zal zijn?’ En dan vertel ik je over een kleed en kersen, en hoe we ons misselijk zullen eten en elkaar verhalen zullen vertellen. En weet je, tien jaar is een lange tijd en twintig jaar nog veel langer en in al die tijd zal er veel mis gaan – want zo gaat dat, maar dat is gewoon omdat de dingen zijn zoals ze zijn, omdat dat niet verandert, omdat er eigenlijk niets verandert, ook al zou je dat willen, ook al zou je dat heel hard willen – meer dan wat dan ook, er verandert niets, nooit.

Terwijl ik praatte, is Fabiola op haar rug gaan liggen. Ze staart nu naar de lucht.

‘Eh…’ zeg ik. ‘Helpt dit eigenlijk?’

‘Nee, niet echt.’ Fabiola glimlacht. ‘Maar het is lief dat je het probeert.’

‘Ja.’ zeg ik verward. ‘Dat is ook zo.’

Hoog in de lucht boven onze hoofden trekt een vliegtuig een lange streep die langzaam verwaait in de wind.

Even later doe ik voor hoe eskimo’s dansen, verschijnt er een hert aan de bosrand en verbreekt Fabiola haar kersenpitverspuugrecord.

En op een open plek in het bos, zet een elfenkoor een nieuw liedje in, net te zacht om te verstaan.

→ 7 ReactiesCategorieën: Gedachten · Schrijfsels

Kiwi!

23 juli 2008 · 2 reacties

In de serie Woensdag Filmdag vandaag, jongens en meisjes, een klassieker: Kiwi! Over een loopvogeltje met een droom.

Duur: 3:09 IMDB

→ 2 ReactiesCategorieën: Woensdag Filmdag

De man op de berg

22 juli 2008 · 1 reactie

Het enige bewijs dat hij nog kon leveren, was NIET schrijven. En dat deed hij dus.

Hij kocht een camera. Om toch iets te doen te hebben. (Ook daarmee kun je schrijven – dat leert hij nog wel.)

Iedere ochtend klimt hij de de berg op. Zodat hij daar zit, op de rand, als de zon opkomt.

Beneden in het dal slapen de mensen, de dieren, en ook de dingen (al beweren die dat ze nooit moe worden).

Als de eerste stralen van de zon op zijn gezicht vallen, zucht hij diep. Dan fluistert hij zacht: Het is goed zo, echt.

.

Hij zat daar al vaker, vroeger.

Fluisterde dingen als: Ik wil dood.

Ook dat meende hij niet.

→ 1 ReactieCategorieën: Gedachten · Schrijfsels

Er mag gedanst worden

25 juni 2008 · 4 reacties

→ 4 ReactiesCategorieën: Moois · Woensdag Filmdag

Hijsbewijs

7 juni 2008 · 4 reacties

Hij is helemaal niet op vakantie. Hij schreef dat wel, maar het is niet zo. Hij volgt een opleiding tot kraanmachinist. Voor haar.

Ik vind het stom. En ik hem gezegd dat ik het stom vind. Dat vind ik dan ook weer stom, dat ik dat tegen hem zeg. Maar ik kan er niets aan doen. Het is toch stom?

Iedere ochtend klimt hij 83 meter omhoog. Met zijn thermoskan, een pakje brood en een fles om in te plassen. Als iedereen staat te schaften, blijft hij boven.

Ik heb hem gevraagd of hij echt denkt dat dit gaat werken. ‘Dat kan niet anders’, zei hij, ‘want het is een goed verhaal.’ ‘Dat zeg je iedere keer’, zei ik.

De eerste keer dat de kraan ook in de pauze draaide, vroeg de voorman over de radio wat hij dacht dat hij aan het doen was. ‘Oefenen’, antwoordde hij. De voorman stak zijn duim omhoog.

Hij loog niet, toen. Hij oefent echt. Al is het niet in het gieten van beton. Met het hijsblok schrijft hij letters, in spiegelbeeld, hoog in de lucht.

Ik twijfel er niet aan hoe dit af zal lopen: dat ik er weer moet zijn voor troost. Dit hele plan is een slecht idee. Hij zou het bij bloggen moeten houden. Maar dat wil hij niet.

Hij gelooft echt dat ze op een dag naar de kraan kijkt, en blijft kijken – ook al weet ze niet waarom. Dat ze dan de lijnen volgt die het hijsblok trekt. En plotseling leest.

Het bestaat niet waar hij op hoopt. De dingen gaan zo niet. Wie kijkt er nog omhoog? Wie ziet er een boodschap in het bewegen van een kraan?

‘Zij’, zegt hij.

‘Nee’, zeg ik. ‘Niemand. Ook zij niet. Als ze al bestaat, zit ze ’s nachts voor een raam. Seint ze eenzaam een boodschap met een lampje. Terwijl jij slaapt. En het dus niet ziet.’

.

Ik haat mezelf hierom.

Hij noemt me altijd klein maar dapper.

Hij heeft het mis.

Ik ben nietig en laf.

.

Ik wil niet zo cynisch.

En ik wil niet jaloers.

.

Ik wil dat dit goed komt.

.

Ik wil een wereld waarin mensen met hijskranen boodschappen in de lucht schrijven.

En dat er dan ook een antwoord komt.

Dat dat bestaat.

Dat dat wel bestaat.

Gewoon wel.

.

Het spijt me.

Wat ik hier schreef.

Wat ik tegen je zei.

Wie ik geworden ben.

Alles.

.

Vergeef me.

.

Ik hoop dat het goed komt.

Met haar.

En je boodschap in de lucht.

Geef niet op.

Geef nooit op.

.

Veel liefs,

Fabiola.

→ 4 ReactiesCategorieën: Gedachten · Schrijfsels

Aiebdbi houdt van de vakantie

31 mei 2008 · 1 reactie

En de vakantie houdt van Aiebdbi!

Wie de komende twee weken niet mij is, heeft vette pech.

Houd u taai!

ps De afwas heb ik in het bos gedumpt.Voor de woorden is er een schriftje.

→ 1 ReactieCategorieën: Gedachten · Schrijfsels

Gewoon even een maandje niet

14 mei 2008 · 7 reacties

Bloggen is soms net afwassen.

Overigens geldt dat niet andersom – integendeel.

→ 7 ReactiesCategorieën: Gedachten · Schrijfsels

Overdag is alles anders – altijd

19 april 2008 · 3 reacties

→ 3 ReactiesCategorieën: Gedachten · Schrijfsels

Over de zon en de reet

16 april 2008 · 1 reactie

Juno MacGuff: I’m losing my faith in humanity.
Mac MacGuff: Think you can narrow it down for me?
Juno MacGuff: I guess I wonder sometimes if people ever stay together for good.
(…)
Juno MacGuff: I just need to know if it’s possible for two people to stay happy together forever, or at least for a few years.
Mac MacGuff: It’s not easy, that’s for sure. Now, I may not have the best track record in the world, but I have been with your stepmother for 10 years now and I’m proud to say that we’re very happy.
[Juno nods]
Mac MacGuff: In my opinion, the best thing you can do is find a person who loves you for exactly what you are. Good mood, bad mood, ugly, pretty, handsome, what have you, the right person will still think the sun shines out your ass. That’s the kind of person that’s worth sticking with.

Citaat uit film: Juno. Script: Diablo Cody

→ 1 ReactieCategorieën: Citaat · Film